Ontslagvergoeding

Als er op initiatief van de werkgever een einde komt aan het dienstverband van de werknemer, heeft de werknemer vaak aanspraak op een ontslagvergoeding.

Onder het huidige ontslagrecht hangt de hoogte van de vergoeding af van de ontslagroute die is gekozen. Wordt de arbeidsovereenkomst ontbonden door de kantonrechter, dan heeft de werknemer recht op een ontbindingsvergoeding. Wordt het dienstverband door de werkgever opgezegd met een ontslagvergunning van het UWV, dan kan de werknemer aanspraak proberen te maken op een vergoeding vanwege kennelijk onredelijk ontslag.

De ontslagvergunningsroute staat bij werkgevers bekend als de goedkope ontslagroute en de ontbindingsroute als de dure route. Immers, het UWV kent geen vergoeding toe aan werknemers en de kantonrechter in beginsel wel. Nadat een afvloeiing via het UWV heeft plaatsgevonden, staat voor de werknemer nog de route van het kennelijk onredelijk ontslag open, maar dat blijkt in de praktijk vaak geen oplossing te zijn.

Als dan bedacht wordt dat de werkgever bepaalt welke route wordt gevolgd, dan is daarmee de rechtsongelijkheid voor de werknemer gegeven. In beginsel zal de werkgever voor de UWV-route kiezen. Slechts in gevallen dat de weg via het UWV is geblokkeerd (opzegverboden), of wanneer de werkgever geen toereikend dossier heeft om een ontslagvergunning te verkrijgen, zal hij de weg via de kantonrechter bewandelen.

Deze ongelijkheid is in de politiek decennialang redengevend geweest om een ander ontslagstelsel voor te staan maar tot nu toe sneuvelde elk wijzigingsvoorstel voordat het de eindstreep had gehaald. Uiteindelijk is het er toch van gekomen, nadat werkgeversbonden (VNO-NCW: lees Bernard Wientjes) en werknemersbonden (FNV: lees Ton Heerts) tot een akkoord waren gekomen. Er werd onder leiding van minister Asscher nieuwe wetgeving gerealiseerd die wel de eindstreep haalde.

Per 1 juli 2015 vervalt het voormelde onderscheid tussen de verschillende vergoedingen en komt er één systeem van ontslagvergoeding: de zogeheten transitievergoeding. Wel is er nog een restgroep van vergoeding naar billijkheid doch wil daarvan sprake zijn dan moet de werkgever ernstig verwijtbaar gedrag verweten kunnen worden. Daarnaast kan in hoger beroep de rechter in plaats van herstel een vergoeding naar billijkheid toekennen, maar naar het zich laat aanzien zal de hoogte van deze vergoeding op een andere manier ingevuld worden dan in geval van ernstig verwijtbaar handelen. Hoe dat in de praktijk gaat uitpakken, moet nog worden bezien.

Ontbindingsvergoeding of vergoeding vanwege kennelijk onredelijk ontslag

Onder het huidige systeem van ontslagrecht (dus tot 1 juli 2015) zijn er twee verschillende varianten van vergoedingen, welke afhankelijk zijn van de gekozen ontslagroute.

Kennelijk onredelijk ontslag
Ontslag met wederzijds goedvinden: bij ontslag met wederzijds goedvinden worden er vaak afspraken gemaakt over een ontslagvergoeding. Het is gebruikelijk dat bij de onderhandelingen daarover de Kantonrechtersformule tot uitgangspunt wordt genomen.