;
by Kessels Advocaten

Hoofdelijke aansprakelijkheid bestuurder in faillissement

Wanneer een BV of NV failliet gaat dan is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het bedrag van de schulden voor zover deze niet door vereffening van de overige baten kunnen worden voldaan, indien het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement.

Wat houdt dit in? De bestuurder is aansprakelijk voor het tekort in de faillissementsboedel oftewel het bedrag dat de curator te kort komt om de schuldeisers van de failliete vennootschap mee af te betalen. Hiervoor moet aan twee voorwaarden worden voldaan, namelijk de bestuurder moet zijn taak kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld en er moet een verband bestaan tussen het onbehoorlijk vervullen van de taak en het faillissement.

Voor kennelijke onbehoorlijke taakvervulling moet een zware toerekeningsmaatstaf worden gehanteerd. De aansprakelijkheid moet worden gebaseerd op zodanige feiten en omstandigheden dat er geen twijfel over bestaat dat de bestuurders het behoorlijk bont hebben gemaakt. Het verband dat tussen de kennelijke onbehoorlijke taakvervulling en het faillissement moet bestaan, moet een weerlegbaar vermoeden zijn. De bestuurders zullen dus zelf moeten aantonen dat het faillissement hen niet te verwijten valt maar dat bijvoorbeeld economische omstandigheden aan de basis liggen van het faillissement.

 

Share this article

Comments are closed.