Bestuurdersaansprakelijkheid

Als bestuurder van een vennootschap heeft u een grote vrijheid in het besturen van een vennootschap en het maken van allerlei keuzes die daarbij komen kijken. Dat past binnen ons ondernemingsklimaat. Een te groot risico op aansprakelijkheid als bestuurder zou u en daarmee de mogelijke groei van uw bedrijf afremmen.

Toch is er in de wet een aantal gronden opgenomen op basis waarvan een bestuurder aansprakelijk kan zijn. Zo moet u bijvoorbeeld uw taak behoorlijk vervullen. Dit is een interne bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:9 BW. U kunt aansprakelijk zijn voor schulden van de vennootschap als u een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Op het moment dat uw bedrijf onverhoopt failliet gaat, kijkt de curator ook naar uw handelen. Heeft u bijvoorbeeld aan uw boekhoud- en administratieverplichtingen voldaan? Of is het faillissement veroorzaakt door verwijtbaar handelen van een bestuurder?

Artikel 2:248 van ons Burgerlijk Wetboek biedt de curator de grond om het bestuur aan te spreken als sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur. Er zijn nog meer mogelijkheden voor bestuurdersaansprakelijkheid. Bijvoorbeeld onrechtmatig handelen en onder omstandigheden kunt u worden aangesproken door crediteuren van de vennootschap. Onze specialisten ondernemingsrecht kijken echter graag naar de mogelijkheden. Het is verstandig om u in een vroeg stadium te laten adviseren over uw positie.